zaaizak
zelfstandig naamwoordBetekenis
- een zak die gebruikt wordt om te zaaien
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| zaaizakje | verkleinwoord, enkelvoud |
| zaaizakjes | verkleinwoord, meervoud |
| zaaizakken | meervoud |
Herkomst
samenstelling van zaai ww en zak zn
Woordfamilie van zaaizak
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| zaaizakje | verkleinwoord | zaaizak |
| zaaizakjes | verkleinwoord meervoud | zaaizak |
| zaaizakken | meervoud | zaaizak |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van zaaizak zijn vastgelegd.