zaadwinkel
zelfstandig naamwoordBetekenis
- een onderneming waar zaad aan de consument wordt verkocht
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| zaadwinkels | meervoud |
| zaadwinkeltje | verkleinwoord, enkelvoud |
| zaadwinkeltjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
samenstelling van zaad en winkel
Woordfamilie van zaadwinkel
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| zaadwinkels | meervoud | zaadwinkel |
| zaadwinkeltje | verkleinwoord | zaadwinkel |
| zaadwinkeltjes | verkleinwoord meervoud | zaadwinkel |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van zaadwinkel zijn vastgelegd.