windketel
zelfstandig naamwoord ˈwɪntketəlBetekenis
- luchtdichte ketel bij zuig- en perspompen waar de pulserende waterhoeveelheid van de pomp wordt omgezet in een meer gelijkmatige
Hoe spreek je windketel uit?
/ˈwɪntketəl/
Windketel bestaat uit drie lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| w | quiz |
| ɪ | pit |
| n | nek |
| t | tak |
| k | kat |
| e | veel |
| ə | de |
| l | land |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
zelfstandig naamwoord — masculine
- luchtdichte ketel bij zuig- en perspompen waar de pulserende waterhoeveelheid van de pomp wordt omgezet in een meer gelijkmatige straal of stroom
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| windketels | meervoud |
| windketeltje | verkleinwoord, enkelvoud |
| windketeltjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
samenstelling van wind zn en ketel zn
Woordfamilie van windketel
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| windketels | meervoud | windketel |
| windketeltje | verkleinwoord | windketel |
| windketeltjes | verkleinwoord meervoud | windketel |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van windketel zijn vastgelegd.