werper
zelfstandig naamwoordBetekenis
- iemand die werpt
- tuig waarmee men kan werpen
- bij honkbal de pitcher
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| werpers | meervoud |
| werpertje | verkleinwoord, enkelvoud |
| werpertjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
Naamwoord van handeling van werpen met het achtervoegsel -er
Woordfamilie van werper
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| werpers | meervoud | werper |
| werpertje | verkleinwoord | werper |
| werpertjes | verkleinwoord meervoud | werper |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van werper zijn vastgelegd.