voelspriet
zelfstandig naamwoord ˈvulspritBetekenis
- een langgerekt, gewoonlijk geleed, uitwendig orgaan op de kop van een insect dat zintuigen voor de tastzin of soms ook voor gehoor of smaak bevat
Hoe spreek je voelspriet uit?
/ˈvulsprit/
Voelspriet bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| v | vis |
| u | boek |
| l | land |
| s | sok |
| p | pak |
| r | rood |
| i | riet |
| t | tak |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
zelfstandig naamwoord — masculine
- langgerekt, gewoonlijk geleed, uitwendig orgaan op de kop van een insect dat zintuigen voor de tastzin of soms ook voor gehoor of smaak bevat
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| voelsprieten | meervoud |
| voelsprietje | verkleinwoord, enkelvoud |
| voelsprietjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
samenstelling van voel ww en spriet
Woordfamilie van voelspriet
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| voelsprieten | meervoud | voelspriet |
| voelsprietje | verkleinwoord | voelspriet |
| voelsprietjes | verkleinwoord meervoud | voelspriet |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van voelspriet zijn vastgelegd.