vervreemden
werkwoord vərˈvremdə(n)Betekenis
- vreemd maken, van eigenaar doen wisselen. Dit is ruimer dan verkopen omdat je ook kan wisselen door te schenken
Hoe spreek je vervreemden uit?
/vərˈvremdən/
Vervreemden bestaat uit drie lettergrepen. De klemtoon ligt op de tweede.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| v | vis |
| ə | de |
| r | rood |
| e | veel |
| m | maan |
| d | dak |
| n | nek |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
werkwoord
- vreemd, afkerig maken van transitive
- in eigendom overdragen ten gevolge van een verkoop, ruil of schenking transitive
Vervoeging van vervreemden
vervreemdenhele werkwoord — vervreemddeverleden tijd enkelvoud — vervreemddenverleden tijd meervoud — vervreemdvoltooid deelwoord
| Persoon | Tegenwoordige tijd | Verleden tijd |
|---|---|---|
| ik | vervreemd | vervreemdde |
| jij | vervreemdt | vervreemdde |
| hij, zij, het | vervreemdt | vervreemdde |
| wij | vervreemden | vervreemdden |
| jullie | vervreemden | vervreemdden |
| zij | vervreemden | vervreemdden |
Alle 126 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| - | impersonal, passief |
| ben vervreemd | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| bent vervreemd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| er is vervreemd | impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid |
| er was vervreemd | impersonal, passief, verleden tijd, voltooid |
| er werd vervreemd | impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid |
| er wordt vervreemd | impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid |
| er zal vervreemd worden | impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid |
| er zal vervreemd zijn | impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid |
| er zou vervreemd worden | impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid |
| er zou vervreemd zijn | impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid |
| ev. | gebiedende wijs |
| had vervreemd | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| had vervreemd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| had vervreemd | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadden vervreemd | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| hadden vervreemd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| hadden vervreemd | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadt vervreemd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| heb vervreemd | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben vervreemd | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| hebben vervreemd | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben vervreemd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| hebben vervreemd | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| hebt vervreemd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft vervreemd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft vervreemd | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| is vervreemd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| is vervreemd | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| te hebben vervreemd | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te vervreemden | actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te zullen vervreemden | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| vervreemd | gebiedende wijs |
| vervreemd | verleden tijd, deelwoord |
| vervreemd te worden | infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| vervreemd te zijn | infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| vervreemd te zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| vervreemd te zullen worden | infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| vervreemd te zullen zijn | infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| vervreemd worden | infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| vervreemd zijn | infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| vervreemd zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| vervreemd zullen worden | infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| vervreemd zullen zijn | infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| vervreemdde | verleden tijd |
| vervreemde | aanvoegende wijs |
| vervreemdend | onvoltooid, deelwoord |
| waart vervreemd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| waren vervreemd | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| waren vervreemd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| waren vervreemd | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| was vervreemd | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| was vervreemd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| was vervreemd | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| werd vervreemd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| werd vervreemd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon |
| werd vervreemd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| werden vervreemd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon |
| werden vervreemd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon |
| werden vervreemd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon |
| werdt vervreemd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| word vervreemd | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| worden vervreemd | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon |
| worden vervreemd | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon |
| worden vervreemd | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| wordt vervreemd | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon |
| wordt vervreemd | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zal vervreemd hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal vervreemd hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zal vervreemd hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zal vervreemd worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal vervreemd worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon |
| zal vervreemd zijn | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal vervreemd zijn | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zal vervreemden | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon |
| zal vervreemden | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
| zal vervreemden | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon |
| zijn vervreemd | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| zijn vervreemd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zijn vervreemd | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| zijt vervreemd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zou vervreemd hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou vervreemd hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou vervreemd hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zou vervreemd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou vervreemd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon |
| zou vervreemd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou vervreemd zijn | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou vervreemd zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou vervreemd zijn | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zou vervreemden | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon |
| zou vervreemden | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zou vervreemden | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon |
| zouden vervreemd hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zouden vervreemd hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zouden vervreemd hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden vervreemd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon |
| zouden vervreemd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon |
| zouden vervreemd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden vervreemd zijn | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zouden vervreemd zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zouden vervreemd zijn | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden vervreemden | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon |
| zouden vervreemden | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon |
| zouden vervreemden | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon |
| zoudt vervreemd hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt vervreemd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt vervreemd zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt vervreemden | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zullen vervreemd hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zullen vervreemd hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zullen vervreemd hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen vervreemd worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon |
| zullen vervreemd worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon |
| zullen vervreemd worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen vervreemd zijn | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zullen vervreemd zijn | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zullen vervreemd zijn | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen vervreemden | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| zullen vervreemden | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon |
| zullen vervreemden | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon |
| zullen vervreemden | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon |
| zult vervreemd hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zult vervreemd worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zult vervreemd zijn | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zult vervreemden | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
Herkomst
Afgeleid van vreemd met het voorvoegsel ver-.
Woordfamilie van vervreemden
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| vervreemdde | verleden tijd | vervreemden |
| vervreemdden | aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon | vervreemden |
| vervreemdt | aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon | vervreemden |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van vervreemden zijn vastgelegd.