uterus
zelfstandig naamwoordBetekenis
- de baarmoeder
zelfstandig naamwoord — masculine
- baarmoeder
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| uterusje | verkleinwoord, enkelvoud |
| uterusjes | verkleinwoord, meervoud |
| uterussen | meervoud |
Herkomst
Leenwoord uit het Latijn, in de betekenis van ‘baarmoeder’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1686
Woordfamilie van uterus
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| uterusje | verkleinwoord | uterus |
| uterusjes | verkleinwoord meervoud | uterus |
| uterussen | meervoud | uterus |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van uterus zijn vastgelegd.