tube
zelfstandig naamwoord ˈtybəBetekenis
- een verpakking in kokervorm gemaakt van metaal of plastic gevuld met een halfvloeibare stof
- een fietsband waarin de binnenband in de buitenband genaaid zit
- buis; een hol cilindrisch voorwerp.
- hol cilindrisch voorwerp
Hoe spreek je tube uit?
/ˈtybə/
Tube bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| t | tak |
| y | fuut |
| b | bak |
| ə | de |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| tuben | meervoud |
| tubes | meervoud |
| tubetje | verkleinwoord, enkelvoud |
| tubetjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘buisje’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1624
Woordfamilie van tube
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| tuben | meervoud | tube |
| tubes | meervoud | tube |
| tubetje | verkleinwoord | tube |
| tubetjes | verkleinwoord meervoud | tube |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van tube zijn vastgelegd.