trouwring
zelfstandig naamwoord ˈtrɑurɪŋBetekenis
- ring als symbool van huwelijkstrouw die de partners bij het afsluiten van een huwelijk bij elkaar aanbrengen
Hoe spreek je trouwring uit?
/ˈtrɑurɪŋ/
Trouwring bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| t | tak |
| r | rood |
| ɑu | koud |
| ɪ | pit |
| ŋ | ding |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| trouwringen | meervoud |
| trouwringetje | verkleinwoord, enkelvoud |
| trouwringetjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
samenstelling van trouw ww en ring
Woordfamilie van trouwring
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| trouwringen | meervoud | trouwring |
| trouwringetje | verkleinwoord | trouwring |
| trouwringetjes | verkleinwoord meervoud | trouwring |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van trouwring zijn vastgelegd.