trommelstok
zelfstandig naamwoordBetekenis
- een stok met een bolvormig uiteinde waarmee men op een trommel kan trommelen
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| trommelstokje | verkleinwoord, enkelvoud |
| trommelstokjes | verkleinwoord, meervoud |
| trommelstokken | meervoud |
Herkomst
samenstelling van trommel zn en stok zn
Woordfamilie van trommelstok
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| trommelstokje | verkleinwoord | trommelstok |
| trommelstokjes | verkleinwoord meervoud | trommelstok |
| trommelstokken | meervoud | trommelstok |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van trommelstok zijn vastgelegd.