tramlijn
zelfstandig naamwoordBetekenis
- een vaste route van een tram
- de rails waarover een tram rijdt
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| tramlijnen | meervoud |
| tramlijntje | verkleinwoord, enkelvoud |
| tramlijntjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
samenstelling van tram zn en lijn zn
Woordfamilie van tramlijn
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| tramlijnen | meervoud | tramlijn |
| tramlijntje | verkleinwoord | tramlijn |
| tramlijntjes | verkleinwoord meervoud | tramlijn |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van tramlijn zijn vastgelegd.