torenklok
zelfstandig naamwoordBetekenis
- Klok in een toren.
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| torenklokje | verkleinwoord, enkelvoud |
| torenklokjes | verkleinwoord, meervoud |
| torenklokken | meervoud |
Herkomst
samenstelling van toren en klok
Woordfamilie van torenklok
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| torenklokje | verkleinwoord | torenklok |
| torenklokjes | verkleinwoord meervoud | torenklok |
| torenklokken | meervoud | torenklok |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van torenklok zijn vastgelegd.