tafellaken
zelfstandig naamwoordBetekenis
- een doek bedoeld om er een tafel mee te dekken
zelfstandig naamwoord — neuter
- een doek bedoeld om er een tafel mee te dekken, ammelaken
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| tafellakens | meervoud |
| tafellakentje | verkleinwoord, enkelvoud |
| tafellakentjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
samenstelling van tafel zn en laken zn
Woordfamilie van tafellaken
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| tafellakens | meervoud | tafellaken |
| tafellakentje | verkleinwoord | tafellaken |
| tafellakentjes | verkleinwoord meervoud | tafellaken |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van tafellaken zijn vastgelegd.