taalgids
zelfstandig naamwoordBetekenis
- een boek (meestal in klein en dun formaat) dat gebruikt kan worden als beknopt naslagwerk voor onderweg of studie m.b.t. een (vreemde) taal, tegenwoordig vaak ook digitaal aangeleverd
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| taalgidsen | meervoud |
| taalgidsje | verkleinwoord, enkelvoud |
| taalgidsjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
samenstelling van taal en gids
Woordfamilie van taalgids
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| taalgidsen | meervoud | taalgids |
| taalgidsje | verkleinwoord | taalgids |
| taalgidsjes | verkleinwoord meervoud | taalgids |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van taalgids zijn vastgelegd.