taalgebied
zelfstandig naamwoordBetekenis
- een gebied waar een bepaalde taal gesproken wordt
- een geheel van zaken die op taal betrekking hebben
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| taalgebieden | meervoud |
| taalgebiedje | verkleinwoord, enkelvoud |
| taalgebiedjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
samenstelling van taal en gebied
Woordfamilie van taalgebied
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| taalgebieden | meervoud | taalgebied |
| taalgebiedje | verkleinwoord | taalgebied |
| taalgebiedjes | verkleinwoord meervoud | taalgebied |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van taalgebied zijn vastgelegd.