strike
zelfstandig naamwoord strɑjkBetekenis
- (bowling) worp waarmee in een keer alle kegels ('pins') worden omgegooid
- (honkbal, softbal) bal die op een goede hoogte over de thuisplaat is geworpen; als de slagman tijdens zijn beurt driemaal zo'n worp niet goed weet te raken is hij uit
- (cricket) positie van de slagman tegenover de bowler (die dus een bal moet slaan, in tegenstelling tot de andere slagman die achter de bowler staat)
- bepaalde beurskoers waarbij de waarde van sommige opties sterk verandert, wat het koersverloop weer extra beïnvloedt
- gezamenlijk stoppen met werken door arbeiders als middel om verbeteringen af te dwingen
- staking
- slag
- aanvallen
- doorstrepen
Hoe spreek je strike uit?
/strɑjk/
Strike bestaat uit één lettergreep.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| s | sok |
| t | tak |
| r | rood |
| ɑ | bad |
| j | ja |
| k | kat |
zelfstandig naamwoord — feminine, masculine
- worp waarmee in een keer alle kegels ("pins") worden omgegooid
- bal die op een goede hoogte over de thuisplaat is geworpen; als de slagman tijdens zijn beurt driemaal zo'n worp niet goed weet te raken is hij uit
- positie van de slagman tegenover de bowler (die dus een bal moet slaan, in tegenstelling tot de andere slagman die achter de bowler staat)
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| strikes | meervoud |
Herkomst
van Engels strike
Woordfamilie van strike
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| strikes | meervoud | strike |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van strike zijn vastgelegd.