stiefdochter
zelfstandig naamwoord ˈstivdɔxtərBetekenis
- vrouwelijk kind uit een eerder huwelijk van de echtgenoot
Hoe spreek je stiefdochter uit?
/ˈstivdɔxtər/
Stiefdochter bestaat uit drie lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| s | sok |
| t | tak |
| i | riet |
| v | vis |
| d | dak |
| ɔ | bot |
| x | acht |
| ə | de |
| r | rood |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Klinkt hetzelfde als stiefdochters.
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| stiefdochters | meervoud |
| stiefdochtertje | verkleinwoord, enkelvoud |
| stiefdochtertjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
afgeleid van dochter met het voorvoegsel stief-
Woordfamilie van stiefdochter
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| stiefdochters | meervoud | stiefdochter |
| stiefdochtertje | verkleinwoord | stiefdochter |
| stiefdochtertjes | verkleinwoord meervoud | stiefdochter |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van stiefdochter zijn vastgelegd.