seminarie
zelfstandig naamwoordBetekenis
- een plaats waar rooms-katholieke geestelijken opgeleid worden
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| seminaries | meervoud |
| seminarietje | verkleinwoord, enkelvoud |
| seminarietjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
Leenwoord uit het Latijn, in de betekenis van ‘inrichting tot opleiding van geestelijken’ voor het eerst aangetroffen in 1608
Woordfamilie van seminarie
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| seminaries | meervoud | seminarie |
| seminarietje | verkleinwoord | seminarie |
| seminarietjes | verkleinwoord meervoud | seminarie |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van seminarie zijn vastgelegd.