scrub
zelfstandig naamwoord, werkwoordBetekenis
- schuurmiddel om iets schoon te maken; het krachtig boenen
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| scrubs | meervoud |
Woordvorm
- eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van scrubben
- gebiedende wijs van scrubben
- tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van scrubben
Vervoeging van scrub
scrubhele werkwoord
Herkomst
uit het Engels
Woordfamilie van scrub
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| scrubs | meervoud | scrub |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van scrub zijn vastgelegd.