schranken
werkwoord, zelfstandig naamwoordBetekenis
- op een scheve manier verzakken
- veranderen van rijstrook
- kruisen
Vervoeging van schranken
schrankenhele werkwoord
Woordvorm
- meervoud van het zelfstandig naamwoord schrank
Woordfamilie van schranken
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| geschrankt | woordvorm | schranken |
| geschrankte | woordvorm | schranken |
| schranke | woordvorm | schranken |
| schrankend | woordvorm | schranken |
| schrankende | woordvorm | schranken |
| schrankt | woordvorm | schranken |
| schrankte | woordvorm | schranken |
| schrankten | woordvorm | schranken |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van schranken zijn vastgelegd.