schijfrem
zelfstandig naamwoordBetekenis
- een rem, waarbij op de as van het af te remmen toestel een schijf meedraait, die door middel van remblokken afgeremd kan worden
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| schijfremmen | meervoud |
| schijfremmetje | verkleinwoord, enkelvoud |
| schijfremmetjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
samenstelling van schijf en rem
Woordfamilie van schijfrem
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| schijfremmen | meervoud | schijfrem |
| schijfremmetje | verkleinwoord | schijfrem |
| schijfremmetjes | verkleinwoord meervoud | schijfrem |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van schijfrem zijn vastgelegd.