schepbek
zelfstandig naamwoord ˈsxɛbɛkBetekenis
- (grasparkiet) afwijkende vorm van een snavel waarbij de bovensnavel niet over, maar in de ondersnavel valt
Hoe spreek je schepbek uit?
/ˈsxɛbɛk/
Schepbek bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| s | sok |
| x | acht |
| ɛ | bed |
| b | bak |
| k | kat |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
zelfstandig naamwoord — masculine
- afwijkende vorm van een snavel waarbij de bovensnavel niet over, maar in de ondersnavel valt
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| schepbekken | meervoud |
Herkomst
samenstelling van schep ww en bek zn