scheiding
zelfstandig naamwoordBetekenis
- het uiteenhalen van iets in zijn onderdelen
- de lijn aan weerszijden waarvan haar naar de ene of de andere kant valt, de haarscheiding
- het verbreken van een huwelijk
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| scheidingen | meervoud |
| scheidinkje | verkleinwoord, enkelvoud |
| scheidinkjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
Naamwoord van handeling van scheiden met het achtervoegsel -ing
Woordfamilie van scheiding
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| scheidingen | meervoud | scheiding |
| scheidinkje | verkleinwoord | scheiding |
| scheidinkjes | verkleinwoord meervoud | scheiding |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van scheiding zijn vastgelegd.