schatting
zelfstandig naamwoord ˈsxɑtɪŋBetekenis
- een onnauwkeurige meting
Hoe spreek je schatting uit?
/ˈsxɑtɪŋ/
Schatting bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| s | sok |
| x | acht |
| ɑ | bad |
| t | tak |
| ɪ | pit |
| ŋ | ding |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
zelfstandig naamwoord
- onnauwkeurige meting
- heffing die aan onderworpenen wordt opgelegd
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| schattingen | meervoud |
| schattinkje | verkleinwoord, enkelvoud |
| schattinkjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
Naamwoord van handeling van schatten met het achtervoegsel -ing
Woordfamilie van schatting
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| schattingen | meervoud | schatting |
| schattinkje | verkleinwoord | schatting |
| schattinkjes | verkleinwoord meervoud | schatting |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van schatting zijn vastgelegd.