zelfoverschatting
zelfstandig naamwoord ˈzɛlfovərˌsxɑtɪŋBetekenis
- jezelf belangrijker, kundiger, vaardiger en groter inschatten dan je eigenlijk bent
- het onderschatten van de problemen die je wilt oplossen; onderschatten van de taak die je nog te verrichten hebt
Hoe spreek je zelfoverschatting uit?
/ˈzɛlfovərˌsxɑtɪŋ/
Zelfoverschatting bestaat uit vijf lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| z | zon |
| ɛ | bed |
| l | land |
| f | fiets |
| o | boot |
| v | vis |
| ə | de |
| r | rood |
| s | sok |
| x | acht |
| ɑ | bad |
| t | tak |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
| ˌ | een lichtere nadruk, zwakker dan de hoofdklemtoon |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| zelfoverschattingen | meervoud |
Herkomst
samenstelling van zelf zn "eigen persoon" en overschatting zn
Woordfamilie van zelfoverschatting
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| zelfoverschattingen | meervoud | zelfoverschatting |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van zelfoverschatting zijn vastgelegd.