schaftkeet
zelfstandig naamwoordBetekenis
- tijdelijke of verplaatsbare overdekte ruimte waarin bouwvakkers of andere arbeiders kunnen rusten en iets kunnen eten of drinken
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| schaftkeetje | verkleinwoord, enkelvoud |
| schaftkeetjes | verkleinwoord, meervoud |
| schaftketen | meervoud |
Herkomst
samenstelling van schaft ww en keet zn
Woordfamilie van schaftkeet
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| schaftkeetje | verkleinwoord | schaftkeet |
| schaftkeetjes | verkleinwoord meervoud | schaftkeet |
| schaftketen | meervoud | schaftkeet |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van schaftkeet zijn vastgelegd.