samenvloeiing
zelfstandig naamwoord ˈsamə(n)ˌvlujɪŋBetekenis
- bij elkaar komen van stromen zodat ze één geheel gaan vormen
- geleidelijk ontstaan geheel waarvan de onderdelen niet meer te onderscheiden zijn
Hoe spreek je samenvloeiing uit?
/ˈsamənˌvlujɪŋ/
Samenvloeiing bestaat uit vier lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| s | sok |
| a | maan |
| m | maan |
| ə | de |
| n | nek |
| v | vis |
| l | land |
| u | boek |
| j | ja |
| ɪ | pit |
| ŋ | ding |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
| ˌ | een lichtere nadruk, zwakker dan de hoofdklemtoon |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| samenvloeiingen | meervoud |
| samenvloeiinkje | verkleinwoord, enkelvoud |
| samenvloeiinkjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
naamwoord van handeling van samenvloeien ww met het achtervoegsel -ing
Woordfamilie van samenvloeiing
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| samenvloeiingen | meervoud | samenvloeiing |
| samenvloeiinkje | verkleinwoord | samenvloeiing |
| samenvloeiinkjes | verkleinwoord meervoud | samenvloeiing |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van samenvloeiing zijn vastgelegd.