samenstellend
werkwoord, bijvoeglijk naamwoordBetekenis
- een deel uitmaken van en een bijdrage leveren aan een groter geheel
Woordvorm
- onvoltooid deelwoord van samenstellen
Vervoeging van samenstellend
samenstellendhele werkwoord
Woordfamilie van samenstellend
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| samenstellends | woordvorm | samenstellend |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van samenstellend zijn vastgelegd.