rugsteun
zelfstandig naamwoord ˈrʏxstønBetekenis
- iets waar de achterkant van de romp tegenaan kan leunen
- gewapende hulp die een militaire eenheid van achteren wordt geboden
- blijvende ondersteuning die iemand krijgt waardoor hij iets kan doen of volhouden
- ruggensteun
- back-up
Hoe spreek je rugsteun uit?
/ˈrʏxstøn/
Rugsteun bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| r | rood |
| ʏ | put |
| x | acht |
| s | sok |
| t | tak |
| ø | deur |
| n | nek |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| rugsteunen | meervoud |
| rugsteuntje | verkleinwoord, enkelvoud |
| rugsteuntjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
samenstelling van rug zn en steun zn
Woordfamilie van rugsteun
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| rugsteunen | meervoud | rugsteun |
| rugsteuntje | verkleinwoord | rugsteun |
| rugsteuntjes | verkleinwoord meervoud | rugsteun |
| rugsteune | woordvorm | rugsteunen |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van rugsteun zijn vastgelegd.