ruggenwervel
zelfstandig naamwoordBetekenis
- een van de botten die samen de ruggengraat vormen
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| ruggenwervels | meervoud |
| ruggenwerveltje | verkleinwoord, enkelvoud |
| ruggenwerveltjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
samenstelling van rug zn en wervel zn met het invoegsel -en-
Woordfamilie van ruggenwervel
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| ruggenwervels | meervoud | ruggenwervel |
| ruggenwerveltje | verkleinwoord | ruggenwervel |
| ruggenwerveltjes | verkleinwoord meervoud | ruggenwervel |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van ruggenwervel zijn vastgelegd.