rozenstruik
zelfstandig naamwoordBetekenis
- Houtige plant met rozen als bloemen.
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| rozenstruiken | meervoud |
| rozenstruikje | verkleinwoord, enkelvoud |
| rozenstruikjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
samenstelling van roos en struik met het invoegsel -en-
Woordfamilie van rozenstruik
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| rozenstruiken | meervoud | rozenstruik |
| rozenstruikje | verkleinwoord | rozenstruik |
| rozenstruikjes | verkleinwoord meervoud | rozenstruik |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van rozenstruik zijn vastgelegd.