roerkoning
zelfstandig naamwoordBetekenis
- de stang tussen helmstok en roerblad bij een doorgestoken roer
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| roerkoningen | meervoud |
| roerkoninkje | verkleinwoord, enkelvoud |
| roerkoninkjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
samenstelling van roer en koning
Woordfamilie van roerkoning
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| roerkoningen | meervoud | roerkoning |
| roerkoninkje | verkleinwoord | roerkoning |
| roerkoninkjes | verkleinwoord meervoud | roerkoning |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van roerkoning zijn vastgelegd.