roeper
zelfstandig naamwoordBetekenis
- iemand die roept bijv. een afslager
- iets waarmee men kan roepen, een megafoon of scheepsroeper
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| roepers | meervoud |
| roepertje | verkleinwoord, enkelvoud |
| roepertjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
Naamwoord van handeling van roepen met het achtervoegsel -er
Woordfamilie van roeper
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| roepers | meervoud | roeper |
| roepertje | verkleinwoord | roeper |
| roepertjes | verkleinwoord meervoud | roeper |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van roeper zijn vastgelegd.