rijkswacht
zelfstandig naamwoord ˈrɛikswɑxtBetekenis
- (België) voormalige, landelijke, op militaire leest gestoelde, politiedienst van het Koninkrijk België, ontbonden op 1 april 2001
Hoe spreek je rijkswacht uit?
/ˈrɛikswɑxt/
Rijkswacht bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| r | rood |
| ɛi | trein |
| k | kat |
| s | sok |
| w | quiz |
| ɑ | bad |
| x | acht |
| t | tak |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
zelfstandig naamwoord — feminine, masculine
- voormalige, landelijke, op militaire leest gestoelde, politiedienst van het Koninkrijk België, ontbonden op 1 april 2001
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| rijkswachten | meervoud |
Herkomst
samenstelling van rijk en wacht met het invoegsel -s- , in België ingevoerd in het jaar 1932, als vervanging van Franstalige benaming gendarmerie , de benaming werd voor die tijd soms al gebruikt voor op militaire leest geschoeide politiediensten
Woordfamilie van rijkswacht
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| rijkswachten | meervoud | rijkswacht |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van rijkswacht zijn vastgelegd.