repetitie
zelfstandig naamwoordBetekenis
- het opnieuw uitvoeren van dezelfde handeling
- een gezamenlijke oefening ten bate van een uitvoering, concert e.d.
- een proefwerk opgelegd aan leerlingen of studenten
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| repetities | meervoud |
| repetitietje | verkleinwoord, enkelvoud |
| repetitietjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘herhaling’ voor het eerst aangetroffen in 1458
Woordfamilie van repetitie
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| repetities | meervoud | repetitie |
| repetitietje | verkleinwoord | repetitie |
| repetitietjes | verkleinwoord meervoud | repetitie |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van repetitie zijn vastgelegd.