repertorium
zelfstandig naamwoordBetekenis
- (juridisch) chronologische lijst van akten enz
- register
- een overzicht van schriftelijke bronnen, geselecteerd volgens een bepaald intern of extern criterium
- beknopt wetenschappelijk handboek
zelfstandig naamwoord — neuter
- chronologische lijst van akten enz
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| repertoria | meervoud |
| repertoriumpje | verkleinwoord, enkelvoud |
| repertoriumpjes | verkleinwoord, meervoud |
| repertoriums | meervoud |
Herkomst
Leenwoord uit het Latijn, in de betekenis van ‘register’ voor het eerst aangetroffen in 1623
Woordfamilie van repertorium
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| repertoria | meervoud | repertorium |
| repertoriumpje | verkleinwoord | repertorium |
| repertoriumpjes | verkleinwoord meervoud | repertorium |
| repertoriums | meervoud | repertorium |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van repertorium zijn vastgelegd.