puntkomma
zelfstandig naamwoordBetekenis
- een leesteken dat twee nauw aan elkaar gerelateerde zinnen tot een geheel verbindt (;)
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| (puntkommaatje) | verkleinwoord, enkelvoud |
| (puntkommaatjes) | verkleinwoord, meervoud |
| puntkomma's | meervoud |
Herkomst
In de betekenis van ‘leesteken’ voor het eerst aangetroffen in 1769
Woordfamilie van puntkomma
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| puntkomma's | meervoud | puntkomma |
| puntkommaatje | woordvorm | puntkomma |
| puntkommaatjes | meervoud | puntkomma |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van puntkomma zijn vastgelegd.