pedel
zelfstandig naamwoordBetekenis
- bode van een universiteit met een vooral ceremoniële functie
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| pedellen | meervoud |
| pedels | meervoud |
Herkomst
Leenwoord uit het Duits, in de betekenis van ‘die academische plechtigheden regelt’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1592
Woordfamilie van pedel
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| pedellen | meervoud | pedel |
| pedels | meervoud | pedel |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van pedel zijn vastgelegd.