opzichter
zelfstandig naamwoordBetekenis
- iemand die toezicht houdt
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| opzichters | meervoud |
| opzichtertje | verkleinwoord, enkelvoud |
| opzichtertjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
samenstelling van op en zichter
Woordfamilie van opzichter
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| opzichters | meervoud | opzichter |
| opzichtertje | verkleinwoord | opzichter |
| opzichtertjes | verkleinwoord meervoud | opzichter |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van opzichter zijn vastgelegd.