oproeper
zelfstandig naamwoord ˈɔprupərBetekenis
- iets of iemand die een signaal doet uitgaan met als doel een antwoord te krijgen of een actie te bewerkstelligen
Hoe spreek je oproeper uit?
/ˈɔprupər/
Oproeper bestaat uit drie lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| ɔ | bot |
| p | pak |
| r | rood |
| u | boek |
| ə | de |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| oproepers | meervoud |
Herkomst
Naamwoord van handeling van oproepen met het achtervoegsel -er
Woordfamilie van oproeper
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| oproepers | meervoud | oproeper |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van oproeper zijn vastgelegd.