oprisping
zelfstandig naamwoordBetekenis
- het weer naar boven komen van iets dat ingeslikt was
- overdrachtelijk een onverwachte en onbedoelde uitspraak
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| oprispingen | meervoud |
| oprispinkje | verkleinwoord, enkelvoud |
| oprispinkjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
Naamwoord van handeling van oprispen met het achtervoegsel -ing
Woordfamilie van oprisping
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| oprispingen | meervoud | oprisping |
| oprispinkje | verkleinwoord | oprisping |
| oprispinkjes | verkleinwoord meervoud | oprisping |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van oprisping zijn vastgelegd.