opdienster
zelfstandig naamwoordBetekenis
- vrouw die klanten bedient in een horecagelegenheid
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| opdiensters | meervoud |
| opdienstertje | verkleinwoord, enkelvoud |
| opdienstertjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
Naamwoord van handeling van opdienen met het achtervoegsel -ster
Woordfamilie van opdienster
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| opdiensters | meervoud | opdienster |
| opdienstertje | verkleinwoord | opdienster |
| opdienstertjes | verkleinwoord meervoud | opdienster |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van opdienster zijn vastgelegd.