onbehuisd
bijvoeglijk naamwoordBetekenis
- geen woning hebbend
- van een gebied dat er een woningen staan
Verbuiging en vervoeging (bijvoeglijk naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| onbehuisde | verbogen, stellende trap |
| onbehuisds | partitief, stellende trap |
Herkomst
Naamwoord van handeling van behuizen met het voorvoegsel on-
Woordfamilie van onbehuisd
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| onbehuisde | verbogen vorm | onbehuisd |
| onbehuisds | partitive, positive | onbehuisd |
| onbehuisden | meervoud | onbehuisde |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van onbehuisd zijn vastgelegd.