dakloze
zelfstandig naamwoord, bijvoeglijk naamwoord ˈdɑklozəBetekenis
- iemand die op de straat leeft, zonder vaste verblijfplaats
Hoe spreek je dakloze uit?
/ˈdɑklozə/
Dakloze bestaat uit drie lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| d | dak |
| ɑ | bad |
| k | kat |
| l | land |
| o | boot |
| z | zon |
| ə | de |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| daklozen | meervoud |
Woordvorm
- verbogen vorm van de stellende trap van dakloos
Herkomst
Afleiding van dakloos met het achtervoegsel -e.
Woordfamilie van dakloze
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| daklozen | meervoud | dakloze |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van dakloze zijn vastgelegd.