omkoper
zelfstandig naamwoordBetekenis
- iemand die door het geven van een ongeoorloofde beloning aan een functionaris, het gedrag van deze functionaris probeert te beïnvloeden
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| omkopers | meervoud |
| omkopertje | verkleinwoord, enkelvoud |
| omkopertjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
afleiding van omkopen met het achtervoegsel -er
Woordfamilie van omkoper
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| omkopers | meervoud | omkoper |
| omkopertje | verkleinwoord | omkoper |
| omkopertjes | verkleinwoord meervoud | omkoper |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van omkoper zijn vastgelegd.