omdijking
zelfstandig naamwoordBetekenis
- het omgeven van een stuk land met dijken
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| omdijkingen | meervoud |
| omdijkinkje | verkleinwoord, enkelvoud |
| omdijkinkjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
Naamwoord van handeling van omdijken met het achtervoegsel -ing
Woordfamilie van omdijking
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| omdijkingen | meervoud | omdijking |
| omdijkinkje | verkleinwoord | omdijking |
| omdijkinkjes | verkleinwoord meervoud | omdijking |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van omdijking zijn vastgelegd.