normering
zelfstandig naamwoordBetekenis
- het normeren
- maatstaf
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| normeringen | meervoud |
| normerinkje | verkleinwoord, enkelvoud |
| normerinkjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
Naamwoord van handeling van normeren met het achtervoegsel -ing
Woordfamilie van normering
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| normeringen | meervoud | normering |
| normerinkje | verkleinwoord | normering |
| normerinkjes | verkleinwoord meervoud | normering |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van normering zijn vastgelegd.