nieuw
bijvoeglijk naamwoord niwBetekenis
- recentelijk gemaakt
- recentelijk ontdekt
- huidige.
- onderscheidt nieuwere namen van oudere
- in originele staat, nog niet eerder gebruikt
- vreemd, onbekend
- recentelijk aangekomen of opgedoken
Hoe spreek je nieuw uit?
/niw/
Nieuw bestaat uit één lettergreep.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| n | nek |
| i | riet |
| w | quiz |
bijvoeglijk naamwoord
- recentelijk gemaakt; nog niet eerder aanwezig
- huidige
Verbuiging en vervoeging (bijvoeglijk naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| nieuwe | verbogen, stellende trap |
| nieuwer | onverbogen, vergrotende trap |
| nieuwere | verbogen, vergrotende trap |
| nieuwers | partitief, vergrotende trap |
| nieuws | partitief, stellende trap |
| nieuwst | onverbogen, overtreffende trap |
| nieuwste | verbogen, overtreffende trap |
Herkomst
erfwoord, in de betekenis van ‘pas ontstaan’ voor het eerst aangetroffen in 1040
Woordfamilie van nieuw
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| nieuwe | verbogen vorm | nieuw |
| nieuwer | vergrotende trap | nieuw |
| nieuwere | verbogen vergrotende trap | nieuw |
| nieuwers | partitieve vergrotende trap | nieuw |
| nieuwst | uninflected, superlative | nieuw |
| nieuwste | inflected, superlative | nieuw |
| nieuwen | meervoud | nieuwe |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van nieuw zijn vastgelegd.