nieuwlichter
zelfstandig naamwoordBetekenis
- aanhanger van nieuwe opvattingen of denkbeelden
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| nieuwlichters | meervoud |
| nieuwlichtertje | verkleinwoord, enkelvoud |
| nieuwlichtertjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
Samenstellende afleiding van nieuw en licht met het achtervoegsel -er
Woordfamilie van nieuwlichter
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| nieuwlichters | meervoud | nieuwlichter |
| nieuwlichtertje | verkleinwoord | nieuwlichter |
| nieuwlichtertjes | verkleinwoord meervoud | nieuwlichter |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van nieuwlichter zijn vastgelegd.