mosterd
zelfstandig naamwoord ˈmɔstərtBetekenis
- (Ethiopische mosterd)
- pittige kruiderij bereid uit gemalen mosterdzaad, zout en azijn
Hoe spreek je mosterd uit?
/ˈmɔstərt/
Mosterd bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| m | maan |
| ɔ | bot |
| s | sok |
| t | tak |
| ə | de |
| r | rood |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
zelfstandig naamwoord — masculine
- een of meer kruisbloemige planten met gele bloemen van het geslacht Sinapis (gele mosterd) of Brassica nigra (zwarte mosterd) of Brassica juncea (Sareptamosterd) of Brassica carinata (Ethiopische mosterd)
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| mosterdje | verkleinwoord, enkelvoud |
| mosterdjes | verkleinwoord, meervoud |
| mosterds | meervoud |
Herkomst
Middelnederlands: mostard, mostart, mostert. Afkomstig van het Oudfranse mostarde. In de betekenis van ‘kruiderij van gemalen mosterdzaad’ voor het eerst aangetroffen in 1240
Woordfamilie van mosterd
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| mosterdje | verkleinwoord | mosterd |
| mosterdjes | verkleinwoord meervoud | mosterd |
| mosterds | meervoud | mosterd |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van mosterd zijn vastgelegd.